Duurzaam inkopen

Steeds meer overheden stellen zich de vraag: hoe geef ik vorm aan een duurzaam inkoopbeleid? Er zijn voor verschillende productgroepen door SenterNovem strakke criteria geformuleerd waaraan inkopers zich moeten houden. Daarnaast moet de centrale overheid sinds 2010 100% duurzaam inkopen en heeft de decentrale overheid zich heeft gecommitteerd aan een 75% duurzaam inkoopbeleid in 2010. Daarbij rijst de vraag met welke aspecten men rekening moet houden?

 

Bij duurzaam inkopen denkt men in eerste instantie vaak aan het milieu en energiebesparing. Terecht enerzijds, want als alle ambitieuze doelstellen worden gerealiseerd, betekent dat een CO2-vermindering van tenminste 3 megaton. Dat komt neer op de jaarlijkse CO2-uitstoot van 340.000 huishoudens. Duurzaam inkopen is echter veel breder en omvat ook sociale aspecten. Als overheid wordt u daarmee geconfronteerd en moet u deze criteria implementeren in uw inkoopbeleid. Geen eenvoudige opgaaf, want welk belang kent u bijvoorbeeld toe aan ‘eerlijke producten’ en het voorkomen van kinderarbeid? En op welke wijze verwoordt u deze criteria in een aanbestedingsdocument? In een niet-openbare procedure waarbij de selectie- en gunningscriteria zijn gescheiden is dat bijvoorbeeld eenvoudiger dan bij een openbare aanbestedingsprocedure.

 

Duurzaamheidscriteria

Een ander aspect dat bij duurzaam inkopen al snel om de hoek komt kijken, is het gebruik van keurmerken voor bijvoorbeeld het gebruik van hout en koffie. Duurzaamheidscriteria van Senternovem mogen wel gebruikt worden in een aanbestedingsdocument, maar door meerdere partijen wordt ter discussie gesteld of het is toegestaan om een keurmerk te vermelden of de criteria die de keurmerkinstantie hanteert als eis te stellen.

 

 

 

Keurmerk?

‘Een keurmerk is geen geschikt criterium om de economisch meest voordelige aanbieding te selecteren’, oordeelde de Europese Commissie. De commissie is van mening het programma van eisen dusdanig dient te zijn dat ook andere keurmerken of fabrikanten een kans maken. En ook de VNG raadt gemeenten aan terughoudend om te gaan met verschillende certificatiesystemen. Daar waar men toch een link met het keurmerk wil houden mag men wel de onderliggende criteria van het keurmerk hanteren, mits deze criteria rechtstreeks verband houden met de aard van de opdracht. De geformuleerde eisen moeten wel in relatie staan tot de gevraagde dienst of levering.

 

Proportionaliteitsbeginsel

Daarnaast moet de aanbesteder zich bij het stellen van geschiktheidseisen laten leiden door het proportionaliteitsbeginsel. Dit houdt in dat hij alleen geschiktheidseisen ten aanzien van draagkracht en bekwaamheid mag stellen, wanneer deze verband houden met en in verhouding staan tot het voorwerp van de opdracht.

 

Pro Mereor helpt u graag bij het opstellen van een duurzaam aanbestedingsbeleid waarin alle aspecten worden meegenomen en meegewogen.